
Dansend de wereld rond
LifestyleVEENENDAAL – Van Rusland tot Israël en van Japan tot Mexico, de hele wereld komt voorbij op de internationale dansavonden van Nirkoda. De Veenendaalse werelddansvereniging kijkt over grenzen heen. Elk land heeft wel een aantal dansen die bij zijn cultuur en tradities passen.
‘Een dans drukt de folklore van een volk uit’, zegt Pauline van Balgooy. Ze is bestuurslid en medeoprichtster van Nirkoda. Die naam is Hebreeuws en betekent ‘Laten we dansen’. Uit het cursusproject ‘Veenendaal maakt Veenendaal wijzer’ ontstond Nirkoda in 1981. Enkele cursisten kregen zó de smaak te pakken, dat ze doorgingen met een opgerichte dansgroep.
Vaak aan oogstfeesten gewijd
‘Elke dans heeft zijn eigen betekenis en vertelt zijn eigen verhaal. Vele zijn gewijd aan oogstfeesten. In Bosnië bijvoorbeeld dansen ze laag op de knieën, om in contact met de vruchtbare aarde te komen. Een Albanese huwelijksdans is heel melancholiek: de vrouw moet na de bruiloft hard aan het werk om de kost te verdienen. Onze docent vertelt over de achtergronden van een dans.’
Elke woensdagavond
Voorzitter Daphne Kalff: ‘Elke woensdagavond van 19.30 tot 21.45 uur gaan de voetjes van de vloer in de gymzaal aan ‘t Kofschip. De lessen staan onder leiding van onze docent Marieke Scheijgrond. Het is leuk om steeds een uitstapje te maken naar een andere cultuur. Daar leer je van. Het is heel gevarieerd. Verder is dansen gewoon gezond voor lichaam en geest. Het loslaten van de alledaagse sleur.’
Spiergeheugen
Zijn werelddansen lastig onder de knie te krijgen? ‘Het is heel verschillend hoe snel iemand iets oppikt. Het hangt van de dans en de persoon af. Dansen blijft in je spiergeheugen zitten. Ik had twee jaar niet gedanst en pakte het daarna moeiteloos op.’
Nirkoda telt momenteel 40 leden, waaronder vijf mannen. Het is niet nodig om een (vaste) partner mee te nemen, zoals bij stijldansen in een dansstudio.
Op Kunstfestival en Lampegietersweek
‘We zijn geen wedstrijd- en ook geen optreedgroep, die overal shows geeft voor het publiek. Eigenlijk tonen we alleen in Veenendaal hoe leuk dansen is. Overigens niet in klederdracht’, vervolgt Pauline. ‘Meestal geven we twee à drie demonstraties per jaar, waaronder eentje op het Kunstfestival in april en tijdens de Lampegietersweek in september.’































